1980: Dumpers van Excelsior brengen Feyenoord aan het huilen
‘Feyenoord huilt’, ‘Blamage voor Jansen’, ‘Hoon voor Feyenoord’. De krantenkoppen logen er niet om op maandag 3 maart 1980. Krantenkoppen die verwezen naar de stadsderby een dag eerder tussen Excelsior en Feyenoord. Ruim 28.000 toeschouwers wisten niet wat ze zagen toen na negentig minuten een 0-4 eindstand op het bord stond. Het was de laatste wedstrijd van oer-Feyenoorder Wim Jansen, die op een mooier afscheid had gehoopt.
Daar had Excelsior natuurlijk geen boodschap aan. De club van voorzitter Jaap Bontenbal had destijds weliswaar al een soort samenwerkingsverband met de grote broer uit Rotterdam-Zuid, dit wilde niet zeggen dat Feyenoord de punten cadeau zou krijgen: ‘Het doet pijn dat juist wij Feyenoord deze klap hebben toegebracht, maar het samenwerkingsverband gaat niet zover dat we elkaar de punten moeten toespelen. De wedstrijden worden nog steeds beslist op basis van kwaliteit’, aldus Bontenbal na afloop van het duel tegenover een journalist.
De wedstrijd tussen Excelsior en Feyenoord stond vooral in het teken van Wim Jansen. Deze oer-Feyenoorder nam na dit duel afscheid van het Rotterdamse publiek. Hij vertrok naar The Washington Diplomats, waar hij samen zou gaan spelen met Johan Cruijff. Bij een afscheid hoort een feestje en ‘het nietige Excelsior’, zoals verschillende kranten het omschreven, leek de ideale tegenstander om Jansen met een mooie uitslag uit te wuiven.
Blunder
In het eerste kwartier had Excelsior het ook moeilijk, maar daarna nam de ploeg van trainer Thijs Libregts het heft steeds meer in handen. Zoals in een krantenartikel werd gemeld speelde Excelsior niet zozeer beter, maar wel slimmer dan Feyenoord. Dat resulteerde na zeventien minuten voetbal in het eerste doelpunt van de wedstrijd. Na een blunder in de verdediging van Feyenoord kreeg Makkie Nijsen plotseling een vrije schietkans. Hij haalde uit en zette Excelsior op voorsprong.
Nijsen was overigens een van de acht spelers in de Excelsior-selectie met een Feyenoord verleden. Volgens velen was dat de reden waarom Excelsior zo gemotiveerd speelde. Zoals aanvoerder René Notten van Feyenoord verklaarde: ‘Die afgestoten Feyenoorders krijgen dan vleugels, zoals Rini Plasmans, die was gewoon niet meer te houden.’
Aanvankelijk raakte Feyenoord totaal niet in paniek van de snelle openingstreffer van Excelsior. Aangenomen werd dat de ‘grote broer’ het kleine Excelsior uiteindelijk toch wel op de knieën zou dwingen. Feyenoord probeerde ook wel aan te dringen, maar Excelsior raakte amper in de problemen. De verslaggever van het Rotterdams Nieuwsblad wist wel waardoor dit kwam: ‘Feyenoord maakte de onvergefelijke fout in het hart van Excelsiors afweer naar ruimte te zoeken. Maar juist daar verstoorde de opeenhoping van spelers elke combinatie.’
Slachtbank
Toen Wim Jansen een half uur voor het einde van de wedstrijd het veld onder luid applaus verliet, stond het nog steeds 0-1 in het voordeel van Excelsior. In de kleedkamer werd hij op de hoogte gehouden van het scoreverloop. Echt vrolijk zal Jansen niet geworden zijn van de berichten die hem bereikten. Buiten legde Excelsior zijn Feyenoord immers op de slachtbank, tot verbijstering van de 28.000 toeschouwers.
In het laatste kwartier van de wedstrijd scoorde Excelsior namelijk nog drie keer. Eerst was het Carlo van Tour die de bal na een hoekschop kon aannemen en inschieten zonder dat hem ook maar iets in de weg werd gelegd. Vrijwel meteen daarna deelde Frans Struis de genadeklap uit. Hij stond precies op de juiste plek om een voorzet van de uitblinkende Rini Plasmans achter doelman Joop Hiele te werken. Acht minuten voor tijd maakte Plasmans zelf 0-4. Hij nam een voorzet van Cor Pot aan en schoot deze onmiddellijk in het doel.
Zure gezichten
Zure gezichten in de Kuip, waar de harde kern op Vak S brandjes stichtte. Niemand kon begrijpen dat Feyenoord zich zo had laten slachten. Een krant schreef: ‘Gênant om te zien hoe de verdediging van Feyenoord keer op keer werd uitgespeeld door het slim counterende Excelsior. Rini Plasmans, enkele jaren geleden als oud vuil door Excelsior in de Kuip weggehaald, groeide uit tot de ster van het veld. Een lust voor het oog waren verder de individuele acties van Ton Pattinama en Makkie Nijssen.’
Het Vrije Volk voegde hieraan toe: ‘Geschutterd werd er in de verdediging, gestunteld op het middenveld en maar wat aangemodderd in de voorhoede.’ Ook Feyenoords trainer Vaclav Jezek was ontevreden: ‘Misschien had ik beter het C-elftal op kunnen stellen.’
Belangrijker dan het gestuntel van Feyenoord was de werklust van Excelsior, dat de grote broer op alle fronten aftroefde. ‘Voetbal kan makkelijk zijn’, zei trainer Libregts na afloop. ‘Dat is nu weer eens bewezen. De werklust heeft de doorslag gegeven. Iedereen heeft er bij ons voor geknokt. Als je dat de hele wedstrijd volhoudt kom je tot een dergelijk resultaat.’ Libregts zag de wedstrijd volgens de kranten overigens ogenschijnlijk gelaten aan. Juist omdat Excelsior zo’n goede verstandhouding heeft met Feyenoord vond hij het gênant en ongepast om uitbundig te gaan staan juichen en een show op te voeren voor de fotografen.
Persoonlijke revanche
De spelers hadden minder moeite met het tonen van hun blijdschap. Rini Plasmans verklaarde na afloop: ‘Ik beschouw dit als een persoonlijke revanche op Feyenoord. Het is een heerlijk gevoel met deze cijfers in de Kuip te winnen.’ Henk Zon, erevoorzitter van Excelsior, was ook aanwezig in de Kuip. Hij wist precies hoe bijzonder deze ruime overwinning was: ‘In 1953 wonnen we met 2-0. Doelpunten van Braams en Cortenbergh. Dit is de grootste overwinning die Excelsior ooit in de Kuip heeft behaald. ’t Is net een droom.’
Rini Plasmans, destijds uitblinker, kijkt nog steeds met plezier op deze tijd terug: ‘Dat was bijzonder hoor. Zo vaak won Excelsior niet in de Kuip, en zeker niet met 0-4. We speelden met een aantal jongens bij Excelsior die door Feyenoord waren afgedankt en met die ‘dumpers’ wonnen toch mooi van ze. Dat was behoorlijk gezichtsverlies van Feyenoord en natuurlijk victorie voor ons. Het was een mooie revanche om te laten zien dat we echt wel konden voetballen.’
Plasmans speelde ooit één wedstrijd in het eerste van Feyenoord. Hoewel hij dat duel het hoogtepunt van zijn voetbalcarrière noemt, liggen zijn beste herinneringen bij Excelsior: ‘Een heel fijne club, waar alles klopte. Ik heb er vier jaar gespeeld en in die tijd promoveerden we twee keer, degradeerden we één keer en speelden we een goed seizoen in de eredivisie. Dat was het jaar waarin we ook met 0-4 van Feyenoord wonnen. We stonden de eerste weken van dat seizoen zelfs bovenaan in de eredivisie. Dat hielden we niet vol, maar we eindigden wel als negende.’
Vriendenteam
‘We hadden een goede ploeg met jongens als Frans Struis, Carlo van Tour, Ton Pattinama, Eddy Ridderhof, Makkie Nijsen, noem ze maar op. Een vriendenteam, we hadden veel gein met elkaar. En daardoor presteerden we uiteindelijk ook goed. Ik denk regelmatig met weemoed terug aan die tijd. Na vier seizoenen moest ik helaas weg bij Excelsior. Dat had met geld te maken en ik vond het heel erg jammer. Ik ben naar FC Twente gegaan, maar daar had ik het niet naar mijn zin. Nee, mijn goede herinneringen liggen bij Excelsior.’
En dan Wim Jansen. Hij kreeg op zondag 2 maart 1980 duidelijk niet het afscheid dat hij had verwacht en verdiend. Zelf zei hij zuinig tegen een journalist: ‘Ik heb een afscheid gekregen zoals ik me dat had voorgesteld. Behalve de uitslag van de wedstrijd dan.’ Een andere krant schreef: ‘Lachende gezichten waren er na afloop genoeg in de overvolle bestuurskamer van Feyenoord, waar Wim Jansen steeds weer met beleefde glimlach de waarderende woorden over zich heen liet komen. De noeste werker dacht waarschijnlijk op dat moment maar aan twee zaken: Amerika en hoe kom ik nu zo snel mogelijk het stadion uit.’